Uitspraak
200202789/1, dat uit de hierboven weergegeven definitie van het begrip bijgebouw volgt dat een bijgebouw in functioneel en bouwkundig opzicht ondergeschikt moet zijn aan het hoofdgebouw, in dit geval het woonhuis.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Waalre verleende op 25 april 2005 een vrijstelling en bouwvergunning voor de uitbreiding van een woonhuis met een aanbouw die een zitkamer en hobbyruimte omvatte. Appellanten maakten bezwaar tegen de kwalificatie van deze aanbouw als bijgebouw, omdat zij stelden dat het een uitbreiding van het hoofdgebouw betrof.
De rechtbank 's-Hertogenbosch verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, maar de Raad van State oordeelde dat de aanbouw constructief verbonden is met het hoofdgebouw, in open verbinding staat en voor woondoeleinden wordt gebruikt, waardoor het niet ondergeschikt is en dus geen bijgebouw is. Het college had ten onrechte het bouwplan aan de regels voor bijgebouwen getoetst.
De Raad van State vernietigde daarom het besluit van 27 september 2005 en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het hoger beroep gegrond en gelast het college een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd het griffierecht aan appellanten vergoed.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het college vernietigd, met gelasting tot een nieuwe beslissing.