ECLI:NL:RVS:2007:BB0376
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- P.A. Offers
- C.J.M. Schuyt
- P.M.M. de Leeuw-van Zanten
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering huurwoonwagen en handhaving rechtsgevolgen
Het college van burgemeester en wethouders van Heerlen weigerde appellant een huurwoonwagen ter beschikking te stellen en verklaarde zijn bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk. De rechtbank Maastricht verklaarde het beroep ongegrond. Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college ten onrechte het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk had verklaard, omdat er redelijkerwijs twijfel bestond over de ontvankelijkheid. Het hoger beroep werd gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
De Afdeling overwoog dat de weigering van een huurwoonwagen geen besluit is in de zin van de Awb, omdat met de intrekking van de Woonwagenwet de verantwoordelijkheid voor het beschikbaar stellen van huurwoonwagens is overgegaan op woningbouwcorporaties. Dit betekent dat het college niet gehouden is een huurwoonwagen ter beschikking te stellen.
Desondanks liet de Afdeling de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand, omdat bij een hernieuwde beslissing hetzelfde besluit genomen zou worden. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht aan appellant.
Deze uitspraak verduidelijkt de rechtspositie van woonwagenbewoners na intrekking van de Woonwagenwet en de rol van gemeenten en woningbouwcorporaties in de huisvesting.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, het besluit en de uitspraak vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het besluit blijven in stand.