ECLI:NL:RVS:2007:BB4346
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- P. Klein
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing toevoeging rechtsbijstand in geschil borgstelling en BKR-registratie
Appellant verzocht om een toevoeging voor rechtsbijstand in een procedure tegen de ABN AMRO Bank vanwege een BKR-registratie die voortkomt uit een borgstelling voor leningen van besloten vennootschappen. De Raad voor Rechtsbijstand wees de aanvraag af, en de rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
Appellant stelde dat het geschil niet voortkwam uit de borgstelling maar uit een onrechtmatige daad die verjaard zou zijn, en dat de rechtbank ten onrechte oordeelde dat het rechtsbelang verband hield met een zelfstandig beroep of bedrijf. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde echter dat het geschil direct voortvloeit uit de borgstelling die in het kader van een zelfstandig beroep is aangegaan.
De verjaring van de vordering van de bank maakt deel uit van het geschil en vormt geen uitzondering op de weigering van rechtsbijstand. De stelling dat een ondernemer zich niet kan verzekeren tegen economische risico's werd verworpen. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de eerdere uitspraak zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van de toevoeging voor rechtsbijstand in het geschil over borgstelling en BKR-registratie.