ECLI:NL:RVS:2007:BB5240
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bouwvergunning Hof van Twente
Het hoger beroep betreft een geschil over de bouwvergunning en vrijstelling voor het oprichten van acht appartementen op een perceel in Hof van Twente. Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders, dat het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde en de vergunning handhaafde. De rechtbank Almelo verklaarde het beroep van verzoeker ongegrond.
Verzoeker heeft vervolgens bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een verzoek ingediend om een voorlopige voorziening te treffen, waarmee hij beoogde de schorsing van het besluit en de uitspraak van de rechtbank te verkrijgen. Tevens verzocht hij om toepassing van artikel 8:86 Awb Pro om in het bodemgeschil uitspraak te doen en het college op te dragen een nieuwe beslissing te nemen.
De Voorzitter overwoog dat een voorlopige voorziening niet het juiste middel is om het door verzoeker beoogde doel te bereiken, omdat verzoeker in feite een uitspraak in het bodemgeschil wenst over de ontvankelijkheid van zijn bezwaar. Omdat het verzoeker ook ter zitting werd erkend dat dit doel via een voorlopige voorziening niet kan worden bereikt en hij geen spoedeisend belang heeft, werd het verzoek afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.