ECLI:NL:RVS:2007:BB6810
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- C.H.M. van Altena
- S.J.E. Horstink-von Meyenfeldt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering geslachtsnaamswijziging minderjarige tegen wil van ouder
De Minister van Justitie weigerde aanvankelijk een verzoek tot wijziging van de geslachtsnaam van een minderjarige in te willigen. Na bezwaar verklaarde de Minister het verzoek alsnog in behandeling te nemen. De rechtbank Leeuwarden vernietigde echter dit besluit en verklaarde het bezwaar ongegrond, waarmee de weigering werd gehandhaafd.
De Minister stelde in hoger beroep dat de termijn van verzorging en opvoeding, die bepalend is voor het toekennen van de naamswijziging, moest worden berekend vanaf het moment van het besluit op bezwaar en niet vanaf het moment van het oorspronkelijke verzoek. Volgens de Minister zou dit leiden tot efficiëntere besluitvorming en voorkomen dat de aanvrager opnieuw een verzoek moest indienen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verwierp dit betoog. De tekst van het Besluit geslachtsnaamswijziging koppelt de verzorgingstermijn uitdrukkelijk aan de datum van het verzoek, niet aan het besluit op bezwaar. Bovendien is de termijn van ten minste vijf jaar geen vaste periode die in de tijd kan schuiven, maar een minimumduur die voorafgaand aan het verzoek moet zijn voldaan.
De Afdeling bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en legde de Minister een griffierecht op. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de Minister om de geslachtsnaam van de minderjarige te wijzigen tegen de wil van een ouder.