ECLI:NL:RVS:2008:BC2537
Raad van State
- Hoger beroep
- W. Konijnenbelt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bouwvergunning voor vijf stadswoningen ondanks bezwaar over ruimtelijke onderbouwing en belangenafweging
Het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven verleende op 22 maart 2005 vrijstelling en bouwvergunning voor de bouw van vijf stadswoningen op een perceel aan de hoek Mauritsstraat/Van Egmondstraat. Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten en voerde aan dat de vrijstelling niet was gebaseerd op een goede ruimtelijke onderbouwing en dat het bouwplan niet paste binnen de stedenbouwkundige structuur. Ook stelde appellant dat het college belangen niet zorgvuldig had afgewogen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Raad overwoog dat het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan, maar dat het college op grond van artikel 19, eerste lid, WRO vrijstelling mocht verlenen mits er een goede ruimtelijke onderbouwing was. Het college had een ruimtelijke onderbouwing vastgesteld waarin werd aangetoond dat het bouwplan past binnen de stedenbouwkundige structuur en het open karakter grotendeels behouden blijft.
Verder oordeelde de Raad dat het college terecht rekening had gehouden met het maximale uitbreidingspercentage uit de koopovereenkomst en dat de belangenafweging tussen appellant en vergunninghoudster zorgvuldig was gemaakt. De Raad concludeert dat er geen grond is om het besluit te vernietigen en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bouwvergunning wordt bevestigd.