ECLI:NL:RVS:2008:BC3685
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins de Vin
- T.M.A. Claessens
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake inkomenseis gezinshereniging en gezinsvorming
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf voor zichzelf en haar minderjarige kinderen, die door de minister van Buitenlandse Zaken op 11 juli 2006 werd afgewezen vanwege onvoldoende duurzame middelen van bestaan van de echtgenoot. De minister herroept dit besluit op 29 november 2006, maar wijst het verzoek om vergoeding van rechtsbijstandskosten af.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond en oordeelde dat niet was gebleken dat het oorspronkelijke besluit was herroepen wegens een aan de minister te wijten onrechtmatigheid. De vreemdeling stelde dat de rechtbank ten onrechte de inkomenseis voor gezinsvorming op haar had toegepast in plaats van de richtlijn voor gezinshereniging.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank niet adequaat heeft gemotiveerd waarom zij de vraag of het onderscheid in inkomenseis tussen gezinshereniging en gezinsvorming in overeenstemming is met de richtlijn niet heeft beantwoord. De uitspraak wordt vernietigd en de zaak terugverwezen naar de rechtbank voor nieuwe behandeling en beslissing met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe behandeling met inachtneming van de overwegingen.