ECLI:NL:RVS:2008:BC4231
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- M.W.L. Simons-Vinckx
- G.N. Roes
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en herroeping aanwijzingsbesluit luchtvaartterrein Maastricht wegens onbevoegdheid en onvoldoende motivering
Bij besluit van 27 december 2004 is het aanwijzingsbesluit voor het luchtvaartterrein Maastricht vastgesteld, gevolgd door een besluit op bezwaar in 2006. Diverse appellanten hebben beroep ingesteld tegen deze besluiten. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft de zaak op 11 december 2007 behandeld en op 13 februari 2008 uitspraak gedaan.
De Afdeling oordeelt dat het aanwijzingsbesluit deels onbevoegd is genomen omdat het militaire luchtverkeer niet met de minister van Defensie is afgestemd, terwijl dit volgens de Luchtvaartwet vereist is. Daarnaast is onvoldoende gemotiveerd waarom is afgeweken van de indicatieve geluidzone uit de planologische kernbeslissing (PKB). Verweerders hebben onvoldoende inzicht gegeven in het Strategisch Ondernemingsplan dat als basis diende voor de geluidszone en de economische onderbouwing.
Verder is het besluit op bezwaar genomen in strijd met de vereiste zorgvuldigheid omdat het onderzoek naar luchtkwaliteit onvolledig is, met name door het niet meenemen van de verkeersaantrekkende werking en onvoldoende doorkijk naar jaren na 2010. Ook is onvoldoende gemotiveerd dat de speciale beschermingszones voor natuurwaarden niet worden geschaad, mede door onduidelijkheid over vlieghoogtes en routes. Tenslotte ontbreekt een actuele regeling voor schadevergoeding vanwege het afzien van de aanleg van de oostwestbaan.
Gelet op deze tekortkomingen vernietigt de Afdeling het besluit op bezwaar en herroept het aanwijzingsbesluit voor zover het betreft de geluidszones. Verweerders dienen de besluiten opnieuw te heroverwegen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens worden proceskosten aan diverse appellanten toegekend.
Uitkomst: Het besluit op bezwaar wordt vernietigd en het aanwijzingsbesluit herroepen wegens onbevoegdheid en onvoldoende motivering.