ECLI:NL:RVS:2008:BC6414
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- C.W. Mouton
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek aanleg particuliere begraafplaats op grond gemeente Haren
De appellant verzocht de gemeente Haren om toestemming voor de aanleg van een particuliere begraafplaats op een perceel grasland achter het landgoed Blanckenborch. De gemeenteraad wees dit verzoek af en het college van gedeputeerde staten van Groningen verklaarde het daarop ingestelde beroep ongegrond. Ook de rechtbank Groningen oordeelde in 2007 dat het beroep ongegrond was.
De appellant stelde in hoger beroep dat de raad ten onrechte geen eigen beleid had vastgesteld en dat het beleidsadvies en de richtlijn te streng werden uitgelegd, waardoor de mogelijkheid tot begraven op eigen grond praktisch werd uitgesloten. Tevens voerde hij aan dat er geen redelijke belangenafweging had plaatsgevonden en dat het criterium van binding met de grond onjuist was toegepast.
De Raad van State oordeelde dat het bestuursorgaan niet verplicht is beleidsregels vast te stellen en dat het college de gronden voor afwijzing voldoende had gemotiveerd. Het beleidsadvies, dat een terughoudende lijn voorschrijft, is niet in strijd met de wet. De ruimtelijke belangen, waaronder het voorkomen van versnippering van grondgebruik en het bestemmingsplan, zijn terecht meegewogen. Het criterium van een bijzondere binding met de grond is passend en niet onredelijk toegepast.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot aanleg van een particuliere begraafplaats wordt bevestigd.