ECLI:NL:RVS:2008:BC8505
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot correctie historische adresgegevens in basisadministratie
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam wees het verzoek van appellant om zijn historische adresgegevens in de basisadministratie te verbeteren af. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in bij de rechtbank Amsterdam, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde appellant hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat artikel 46, vierde lid, van de Wet GBA bepaalt dat de datum van aanvang van het verblijf in Nederland en vestiging van het adres in de gemeente wordt vastgesteld op de dag van ontvangst van de aangifte. Artikel 82, eerste lid, biedt slechts ruimte voor correctie van feitelijke onjuistheden binnen de kaders van hoofdstuk 1 van de Wet GBA. De rechtbank had terecht geoordeeld dat artikel 82 niet Pro leidt tot wijziging van de vestigingsdatum in de registers van de burgerlijke stand.
Het betoog van appellant dat ook artikel 84 van Pro het Besluit Bevolkingsboekhouding wijziging mogelijk maakt, faalt omdat dit besluit is komen te vervallen met de inwerkingtreding van de Wet GBA. De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot correctie van historische adresgegevens wordt bevestigd.