ECLI:NL:RVS:2008:BD0241
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.L.M. van Loo
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep staatssecretaris in mvv-procedure
De zaak betreft het hoger beroep van de staatssecretaris van Justitie tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage in een mvv-procedure. De vreemdelingen hadden beroep ingesteld tegen besluiten van de minister van Buitenlandse Zaken inzake hun machtiging tot voorlopig verblijf. De rechtbank had de beroepen gegrond verklaard en de minister opgedragen binnen een termijn nieuwe besluiten te nemen.
De staatssecretaris van Justitie stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris niet als bestuursorgaan in de zin van artikel 37, eerste lid, van de Wet op de Raad van State kan worden aangemerkt, omdat hij niet de besluiten heeft genomen waartegen het beroep was gericht. Ook kon hij niet als belanghebbende worden beschouwd.
Hierdoor werd het hoger beroep van de staatssecretaris kennelijk niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werden geen proceskosten toegewezen. De uitspraak werd gedaan door de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 15 april 2008.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris van Justitie is niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen.