ECLI:NL:RVS:2008:BD0345
Raad van State
- Hoger beroep
- P.A. Offers
- M.M. van Driel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bouwvergunning voor verbouwing pakhuis tot atelier in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Delft heeft het bezwaar van appellant tegen de weigering van vrijstelling en bouwvergunning voor het verbouwen van een pakhuis tot atelier ongegrond verklaard. De rechtbank 's-Gravenhage heeft dit besluit bevestigd in haar uitspraak van 5 juli 2007. Appellant stelde dat het gebruik als atelier niet tot een grotere afwijking van het bestemmingsplan leidde dan het bestaande gebruik als werkplaats/opslag.
De Raad van State oordeelt dat het bouwplan in strijd is met de bestemming 'Tuin' van het perceel en dat de realisering van een kelderverdieping leidt tot vergroting van de vloeroppervlakte, wat een grotere afwijking van het bestemmingsplan betekent. Ook is het verblijf van personen in het pand niet verenigbaar met de planvoorschriften. Het beroep op het overgangsrecht faalt daarom.
Verder is het beroep op de verplichting tot het verlenen van vrijstelling op grond van artikel 28, zesde lid, van de planvoorschriften niet geslaagd, omdat deze vrijstelling alleen ziet op gebruiksvoorschriften en niet op bouwvoorschriften. Het college heeft de weigering van vrijstelling op redelijke gronden gebaseerd, namelijk het voorkomen van volbouwen van binnenterreinen en het ontbreken van een aanwijzing dat het pand historisch waardevol is.
Tot slot faalt het beroep op het gelijkheidsbeginsel omdat onvoldoende is gebleken dat vergelijkbare situaties aanwezig zijn waarbij het college wel medewerking heeft verleend. De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van vrijstelling en bouwvergunning wordt bevestigd.