ECLI:NL:RVS:2008:BD6084
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- W. Konijnenbelt
- P.A. Offers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontheffingen voor beheer meeuwen in havengebied Rotterdam
Het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland verleende aan elf bedrijven in het havengebied van Rotterdam ontheffingen voor het opzettelijk verontrusten van kleine mantelmeeuwen, stormmeeuwen en zilvermeeuwen, het verwijderen van eieren en nesten binnen een beperkte straal van installaties, leidingen en gebouwen. De stichting De Faunabescherming maakte bezwaar tegen deze besluiten, met name tegen het gebruik van jachtvogels, wat gedeeltelijk werd gehonoreerd. De rechtbank verklaarde het beroep van de stichting ongegrond.
De stichting stelde in hoger beroep dat de rechtbank onvoldoende rekening had gehouden met de Vogelrichtlijn en de voorwaarde dat geen afbreuk mag worden gedaan aan een gunstige staat van instandhouding van de diersoorten. De Raad van State overwoog dat de Vogelrichtlijn correct is geïmplementeerd in de Flora- en faunawet en dat het college de ontheffingen terecht heeft verleend op basis van artikel 68 van Pro deze wet.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het havengebied een groot woongebied voor de meeuwen is, waarvan slechts een beperkt deel wordt getroffen door de ontheffingen. De populaties van de meeuwensoorten zijn stabiel of groeiend. Het college had aannemelijk gemaakt dat de openbare veiligheid in gevaar was door de meeuwen en dat de ontheffingen noodzakelijk waren. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de stichting De Faunabescherming is ongegrond verklaard en de ontheffingen zijn bevestigd.