ECLI:NL:RVS:2008:BD7395
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- W.D.M. van Diepenbeek
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkheid en afwijzing verzoek planschadevergoeding gemeente Voorst
De appellant diende een verzoek in bij de gemeenteraad van Voorst om vergoeding van planschade, dat aanvankelijk niet-ontvankelijk werd verklaard. Na bezwaar werd het verzoek alsnog ontvangen maar afgewezen. De rechtbank Zutphen verklaarde het daarop ingestelde beroep ongegrond. Tegen deze uitspraak stelde appellant hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak onderzocht of sprake was van een wijziging in het planologische regime die tot schade leidde. Het advies van Sargas, waarop de gemeenteraad zich baseerde, ging uit van een onjuiste planvergelijking door betekenis toe te kennen aan een aanduiding die door het college niet was goedgekeurd. Hierdoor werd ten onrechte aangenomen dat het aantal woningen beperkt was tot 15 binnen het bestemmingsvlak "Woondoeleinden".
De Afdeling concludeerde dat het voorheen geldende bestemmingsplan in feite een onbeperkt aantal woningen toestond binnen dat vlak, zodat de herziening geen planologisch nadeel opleverde. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het besluit van de gemeenteraad van 16 oktober 2006 vernietigd. De rechtsgevolgen van het besluit blijven echter in stand. Tevens werd de gemeenteraad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het besluit van de gemeenteraad vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.