ECLI:NL:RVS:2008:BD8922
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- P.M.M. de Leeuw-van Zanten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving verwijdering vaartuig wegens strijd met Verordening natuur en landschap Utrecht
Het college van gedeputeerde staten van Utrecht heeft appellant aangeschreven om zijn vaartuig, afgemeerd naast een locatie in Utrecht, te verwijderen omdat dit in strijd is met de Verordening bescherming natuur en landschap provincie Utrecht 1996 (Vnl). Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het college en vervolgens door de rechtbank Utrecht ongegrond werd verklaard.
Appellant voerde aan dat de wegenlegger niet actueel was en dat het vaartuig in privéwater lag, waardoor de Vnl niet van toepassing zou zijn. Dit betoog werd verworpen omdat het vaartuig buiten de bebouwde kom ligt en de Vnl geen onderscheid maakt tussen privé- en openbaar water. Tevens stelde appellant dat het vaartuig geen onaanvaardbare landschappelijke aantasting veroorzaakt, maar de Afdeling oordeelde dat het vaartuig niet gekoppeld is aan een erf en daardoor landschappelijke bezwaren oplevert.
De Afdeling overwoog dat handhaving in beginsel moet plaatsvinden tenzij bijzondere omstandigheden zich voordoen, zoals uitzicht op legalisatie of disproportionaliteit van het handhavend optreden. In deze zaak is geen concreet zicht op legalisatie en is het handhavend optreden proportioneel. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het besluit tot verwijdering van het vaartuig bevestigd.