ECLI:NL:RVS:2008:BF2145
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- M.W.L. Simons-Vinckx
- W. Sorgdrager
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke vernietiging revisievergunning milieubeheer voor Inter-Che-M B.V. wegens onvoldoende motivering en onduidelijke voorschriften
Het college van gedeputeerde staten van Gelderland verleende op 28 augustus 2007 een revisievergunning aan Inter-Che-M B.V. voor een inrichting te Beuningen. Inter-CheM stelde beroep in tegen dit besluit en voerde meerdere beroepsgronden aan, waaronder het niet adequaat reageren op zienswijzen, onduidelijkheid over meetmethoden, en onredelijke voorschriften.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom bepaalde voorschriften noodzakelijk waren, zoals de grenswaarde voor stofemissies en de verplichte optimalisatiemethode. Ook waren voorschriften onduidelijk of tegenstrijdig met eerdere afspraken. De Afdeling stelde dat het college een beoordelingsvrijheid heeft, maar deze moet zorgvuldig en goed gemotiveerd worden uitgeoefend.
De Afdeling vernietigde daarom de voorschriften 2.1.1, 2.1.2, 6.9.2, 10.2.2, 10.5.1 tot en met 10.5.5 en een deel van 2.5.1, en stelde nieuwe voorschriften vast die duidelijker en beter onderbouwd zijn. Het beroep werd verder ongegrond verklaard. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan Inter-CheM.
Deze uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige motivering en rechtszekerheid bij het verbinden van vergunningvoorschriften in het milieurecht, waarbij ook rekening gehouden moet worden met bestaande wet- en regelgeving zoals de Arbeidsomstandighedenwet.
Uitkomst: Het beroep van Inter-Che-M B.V. is gedeeltelijk gegrond verklaard, het besluit van het college gedeeltelijk vernietigd en vervangen door nieuwe voorschriften.