Uitspraak
200305600/1) is het gebruik van de woning op het perceel als bedrijfswoning in strijd met het bestemmingsplan "Broek 1990" (hierna: het bestemmingsplan).
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Geldrop-Mierlo weigerde op 2 maart 2005 vrijstelling van het bestemmingsplan te verlenen voor het gebruik van een woning als bedrijfswoning op een perceel in strijd met het bestemmingsplan. Na een bezwaarprocedure handhaafde het college dit besluit op 13 februari 2007 met een verbeterde motivering. De rechtbank 's-Hertogenbosch verklaarde het beroep van appellant tegen deze weigering op 28 november 2007 ongegrond.
Appellant stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte de rechtmatigheid van de last onder dwangsom heeft betrokken bij de beoordeling van de weigering van de vrijstelling en dat de motivering van het college onvoldoende was. Het college stelde dat de weigering terecht was vanwege de geschiedenis van het bestemmingsplan, de reeds verleende bouwvergunning voor een bedrijfswoning op het naastgelegen perceel, en het ontbreken van concrete plannen voor bedrijfsverplaatsing.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college in redelijkheid de vrijstelling kon weigeren en dat de rechtbank de motivering terecht had overgenomen, ook al verwees deze naar eerdere overwegingen betreffende een last onder dwangsom. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van vrijstelling bevestigd.