ECLI:NL:RVS:2008:BG1152
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G. Drupsteen
- M. Oosting
- M.A.A. Mondt-Schouten
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen goedkeuring bestemmingsplan windpark Heerhugowaard
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland keurde bij besluit van 19 juni 2007 het bestemmingsplan 'Partiële herziening Overtoom en Recreatiegebied Heerhugowaard Zuid' goed ten behoeve van de realisatie van drie windmolens. De vereniging van eigenaars van het appartementengebouw Cassini en een tweede appellant stelden beroep in tegen dit besluit.
De appellanten voerden onder meer aan dat het milieu-effectrapport onvolledig was, de financiële stukken niet ter inzage lagen, de openbare aanbesteding niet correct was verlopen, en dat de windmolens negatieve effecten zouden hebben op milieu, geluid, externe veiligheid en vogels. De Raad van State oordeelde dat het gezamenlijk vermogen van de windmolens te gering was voor een milieu-effectrapport en dat de financiële stukken die betrekking hadden op een apart woningbouwproject niet ter inzage behoefden te worden gelegd.
De Raad stelde vast dat de aanbesteding openbaar en conform regelgeving had plaatsgevonden en dat er geen aanwijzingen waren voor ongeoorloofde staatssteun. Ook werden de geluidbelasting, slagschaduwhinder, zichtbelemmering en externe veiligheid voldoende onderzocht en gemotiveerd. De Raad concludeerde dat het college en de raad zich redelijkerwijs op het standpunt konden stellen dat het plan financieel uitvoerbaar is en niet in strijd met een goede ruimtelijke ordening of het recht.
Gelet op deze overwegingen verklaarde de Raad van State de beroepen ongegrond en wees het bestreden besluit in stand. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De beroepen tegen de goedkeuring van het bestemmingsplan voor het windpark Heerhugowaard zijn ongegrond verklaard.