ECLI:NL:RVS:2008:BG5879

Raad van State

Datum uitspraak
26 november 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
200807163/2
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen goedkeuring bestemmingsplan Kern Raamsdonk

Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant heeft bij besluit van 8 augustus 2008 het bestemmingsplan 'Kern Raamsdonk', vastgesteld door de gemeenteraad van Geertruidenberg, goedgekeurd. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak heeft het verzoek ter zitting behandeld op 12 november 2008, waarbij zowel verzoeker als vertegenwoordigers van de gemeenteraad aanwezig waren. Verzoeker richt zich tegen de bestemming van gronden ten zuidwesten van Raamsdonk als 'Agrarische bedrijfsdoeleinden', stellende dat dit in strijd is met diverse ruimtelijke beleidsnota's.

De raad heeft onweersproken gesteld dat deze gronden in het geldende bestemmingsplan eveneens als agrarisch zijn bestemd en dat het nieuwe plan geen ruimere bouw- en gebruiksmogelijkheden biedt. De voorzitter oordeelt dat hierdoor geen spoedeisend belang bestaat om een voorlopige voorziening te treffen en wijst het verzoek af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de goedkeuring van het bestemmingsplan Kern Raamsdonk wordt afgewezen wegens ontbreken van een spoedeisend belang.

Uitspraak

200807163/2.
Datum uitspraak: 26 november 2008
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen onder meer:
[verzoeker], wonend te [woonplaats],
en
het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant,
verweerder.
1. Procesverloop
Bij besluit van 8 augustus 2008, kenmerk 1367032, heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant (hierna: het college) besloten over de goedkeuring van het door de raad van de gemeente Geertruidenberg (hierna: de raad) bij besluit van 19 december 2007 vastgestelde bestemmingsplan "Kern Raamsdonk".
Tegen dit besluit heeft onder meer [verzoeker] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 24 september 2008, beroep ingesteld.
Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 24 september 2008, heeft [verzoeker] de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 12 november 2008, waar [verzoeker] is verschenen. Voorts is ter zitting de raad, vertegenwoordigd door M.H.C. Elsevier-van Olst en H.H.A.M. de Jongh, ambtenaren in dienst van de gemeente, als partij gehoord.
2. Overwegingen
2.1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.
2.2. Het plan voorziet in een actuele planologische regeling voor de kern Raamsdonk en enkele omliggende gronden. Bij het bestreden besluit heeft het college het plan goedgekeurd.
2.3. [verzoeker] richt zich met zijn verzoek tegen de goedkeuring van het plan, voor zover de gronden ten zuidwesten van Raamsdonk daarin zijn opgenomen met de bestemming "Agrarische bedrijfsdoeleinden". [verzoeker] voert aan dat de planbegrenzing in zoverre in strijd is met de Nota Ruimte, de Spelregels EHS, de Interimstructuurvisie en de Paraplunota ruimtelijke ordening.
2.4. Ter zitting is door de raad onweersproken gesteld dat de gronden ten zuidwesten van Raamsdonk in het geldende bestemmingsplan "Raamsdonk-Dorp" zijn aangewezen voor "Agrarische doeleinden". Met het thans voorliggende bestemmingsplan is voor deze gronden niet voorzien in andere of ruimere bouw- en gebruiksmogelijkheden. Gelet hierop zijn als gevolg van de inwerkingtreding van het nu voorliggende bestemmingsplan geen ontwikkelingen te voorzien die voor [verzoeker] bezwaarlijker zijn te achten dan hetgeen onder het huidige planologische regime mogelijk is. In hetgeen [verzoeker] heeft aangevoerd kan naar het oordeel van de voorzitter geen spoedeisend belang worden gevonden dat het treffen van een voorlopige voorziening zou kunnen rechtvaardigen. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.
2.5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. S.H. Nienhuis, ambtenaar van Staat.
w.g. Scholten-Hinloopen w.g. Nienhuis
voorzitter ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 26 november 2008
466.