ECLI:NL:RVS:2008:BG6389
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.E.M. Polak
- J.A.A. van Roessel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake bouwvergunning woning Ridderkerk
Het college van burgemeester en wethouders van Ridderkerk verleende op 15 november 2005 vrijstelling en op 23 november 2005 een bouwvergunning aan een vergunninghouder voor het bouwen van een woning met garage op een perceel te Ridderkerk. Verzoekster maakte bezwaar tegen deze besluiten, dat door het college op 14 november 2007 ongegrond werd verklaard. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van verzoekster gegrond en vernietigde het besluit van het college, maar handhaafde de rechtsgevolgen van dat besluit.
Verzoekster stelde dat het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan "Ridderkerk-West", met name vanwege overschrijding van de toegestane goot- en nokhoogte. De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat een goothoogte van 6 meter gold, maar twijfelde aan de juistheid van het oordeel dat het bouwplan aan deze voorschriften voldeed. Het college en vergunninghouder konden ter zitting niet aantonen dat het bouwplan conform de planvoorschriften was.
Het college gaf aan bereid te zijn een afwijking tot maximaal 10% toe te staan, zoals mogelijk is op grond van artikel 4 van Pro de planvoorschriften. De voorzitter zag geen aanleiding om te twijfelen aan de rechtmatigheid van een dergelijke vrijstelling. Na belangenafweging, waarbij ook het risico van vergunninghouder om zonder definitieve zekerheid te bouwen werd meegewogen, wees de voorzitter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de bouwvergunning wordt afgewezen.