ECLI:NL:RVS:2008:BG8620
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- C.H.M. van Altena
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen weigering registratie huwelijk in GBA
Appellant verzocht het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam om registratie in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (GBA) van de ontbinding van zijn huwelijk met echtgenote sub 1 en van zijn in Iran gesloten huwelijk met echtgenote sub 2. Dit verzoek werd op 24 januari 2007 afgewezen. Vervolgens verklaarde het college het bezwaar ongegrond en wees de rechtbank Rotterdam het beroep van appellant af.
Appellant stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State. Tijdens het hoger beroep overhandigde appellant alle door het college verlangde bescheiden, waarna het college alsnog overging tot registratie van de ontbinding van beide huwelijken in de GBA. Hierdoor verloor appellant volgens de Raad van State het belang bij een inhoudelijke beoordeling van het hoger beroep.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 31 december 2008 door de Afdeling bestuursrechtspraak.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang na registratie van de huwelijksontbindingen in de GBA.