Uitspraak
200701730/1) de financiële omstandigheden van de overtreder in beginsel geen rol spelen bij de vaststelling van de hoogte van de dwangsom. Bovendien kan Dierenthuis verbeurte van de dwangsom voorkomen door aan de last te voldoen.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Laarbeek heeft Stichting Dierenthuis verplicht gesteld het gebruik van het perceel Bakelseweg 27 te beëindigen wegens strijd met het bestemmingsplan "Buitengebied". Dit betrof met name de opvang van circa 50 honden en 1000 katten, die niet past binnen de bestemmingen "Bos" en "Agrarisch gebied" zoals vastgelegd in het bestemmingsplan.
Dierenthuis heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit en vervolgens hoger beroep ingesteld bij de Raad van State, waarbij zij tevens een voorlopige voorziening heeft gevraagd om het handhavingsbesluit op te schorten. De rechtbank had het beroep deels gegrond verklaard door de begunstigingstermijn te beperken, maar het handhavingsbesluit bleef in stand.
De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat het gebruik van het perceel voor honden- en kattenopvang in strijd is met het bestemmingsplan en dat het college bevoegd is handhavend op te treden. Er zijn geen bijzondere omstandigheden die het college verplichten af te zien van handhaving, zoals uitzicht op legalisatie of disproportionaliteit van de dwangsom. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het handhavingsbesluit is afgewezen.