ECLI:NL:RVS:2009:BH1860
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K. Brink
- P. Plambeck
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen melding uitbreiding recreatiepark met 7 bungalows
Het college van burgemeester en wethouders van Midden-Drenthe heeft op 21 november 2007 een melding geaccepteerd van Camping de Horrebieter B.V. voor de uitbreiding van Recreatiepark De Horrebieter met 7 recreatiebungalows. Appellant maakte bezwaar tegen deze melding en stelde dat de uitbreiding zou leiden tot grotere milieubelasting, zoals meer verkeersbewegingen, geluidsoverlast en luchtverontreiniging, en dat het college onvoldoende had gemotiveerd dat de bestaande milieuvoorschriften toereikend waren.
Het college handhaafde het besluit en verklaarde het bezwaar ongegrond. Appellant stelde beroep in bij de rechtbank Assen, waarna de zaak werd doorverwezen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Ter zitting op 24 december 2008 werd het geschil behandeld met partijen en hun vertegenwoordigers.
De Afdeling overwoog dat de toename van verkeersbewegingen niet leidt tot andere of grotere nadelige milieugevolgen dan reeds vergund. Het kappen van bomen vormt geen reden om de melding te weigeren. De Afdeling vond geen grond om aan te nemen dat de uitbreiding een andere inrichting betreft dan waarvoor vergunning is verleend, noch dat de melding aanleiding geeft tot toepassing van de artikelen 8.22, 8.23 of 8.25 van de Wet milieubeheer.
Daarom verklaarde de Afdeling het beroep ongegrond en bevestigde het collegebesluit. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de melding voor uitbreiding van het recreatiepark is ongegrond verklaard.