Uitspraak
200608972/1heeft de Afdeling het hiertegen door onder meer Stichting ROM ingestelde beroep gegrond verklaard en het besluit van 20 oktober 2006 vernietigd.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Hardenberg verleende op 29 januari 2008 een revisievergunning voor een vleeskuikenhouderij aan een vergunninghoudster. Deze vergunning volgde op een eerdere vergunning van 20 oktober 2006 die door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 30 mei 2007 werd vernietigd na een beroep van Stichting Ruimtelijke Ordening en Milieu (Stichting ROM).
Na vernietiging stelde het college een nieuw ontwerpbesluit op 31 oktober 2007 op, dat op 8 november 2007 ter inzage werd gelegd. Stichting ROM bracht echter geen zienswijzen naar voren tegen dit nieuwe ontwerpbesluit binnen de wettelijke termijn van zes weken. Het college stelde daarom dat het beroep niet-ontvankelijk moest worden verklaard.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat, nu het college ervoor had gekozen de volledige procedure opnieuw te doorlopen, het aan Stichting ROM was om opnieuw zienswijzen in te dienen. Het niet indienen van zienswijzen over het nieuwe ontwerpbesluit maakte het beroep niet-ontvankelijk. Er waren geen omstandigheden die dit redelijkerwijs konden verhinderen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van Stichting Ruimtelijke Ordening en Milieu is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet naar voren brengen van zienswijzen over het nieuwe ontwerpbesluit.