ECLI:NL:RVS:2009:BH1891
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- A.J. Soede
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen vrijstelling aanleg infrastructuur bedrijventerrein
Het college van burgemeester en wethouders van Westland verleende op 4 januari 2007 een vrijstelling voor het aanleggen van weg-, groen- en waterinfrastructuur ten behoeve van het bedrijventerrein 'De Woerd'. Appellante, die destijds een bloemkwekerij exploiteerde op een deel van het perceel dat onderdeel was van het bestemmingsplan, stelde beroep in tegen dit besluit. De rechtbank verklaarde haar beroep niet-ontvankelijk.
Appellante voerde aan dat zij wel degelijk belang had bij de beoordeling van haar beroep omdat zij schade zou hebben geleden door het besluit, met name doordat het college geen voorwaarden had gesteld ter waarborging van de continuïteit van de gietwateraanvoer tijdens de werkzaamheden. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat de schade het gevolg was van het besluit, aangezien de werkzaamheden en kosten al voor het besluit waren aangevangen en zij vanaf 23 januari 2007 verzekerd was van de wateraanvoer.
De Afdeling bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellante is niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep ongegrond verklaard.