ECLI:NL:RVS:2009:BH2505
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- T. van Goeverden-Clarenbeek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bouwvergunning voor appartementen en winkelruimten
Het college van burgemeester en wethouders van Tubbergen verleende op 21 februari 2007 een bouwvergunning, vrijstelling en ontheffing voor het bouwen van 9 appartementen en winkelruimten aan een locatie in Tubbergen. Na bezwaar van verzoeker werd het besluit van 21 februari 2007 herroepen en opnieuw vergunning verleend onder voorwaarden. De rechtbank Almelo verklaarde het beroep van verzoeker gegrond en vernietigde het besluit, maar liet de rechtsgevolgen in stand. Verzoeker stelde hoger beroep in bij de Raad van State en vroeg om een voorlopige voorziening om het besluit van 11 maart 2008 te schorsen.
De voorzitter behandelde het verzoek op zitting op 22 januari 2009, waarbij partijen en belanghebbenden werden gehoord. De voorzitter overwoog dat het verzoek een voorlopig karakter heeft en niet bindend is voor de bodemprocedure. Uit het ingebrachte bewijs, waaronder het rapport van Goudappel Coffeng, bleek geen aanleiding om aan te nemen dat de vergunning onrechtmatig was verleend. Verzoeker bracht geen deskundig tegenadvies in. Bovendien was het bouwplan vrijwel geheel gerealiseerd, waardoor het spoedeisend belang ontbrak.
Daarom wees de voorzitter het verzoek om voorlopige voorziening af en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. De uitspraak werd op 5 februari 2009 in het openbaar uitgesproken door de voorzitter, in aanwezigheid van een ambtenaar van Staat.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit tot bouwvergunning is afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang en onvoldoende onderbouwing.