ECLI:NL:RVS:2009:BH2539
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- W. van den Brink
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering handhaving tegen misstanden in en rond Treslongvijver te Hillegom
Het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap van Rijnland weigerde handhavend op te treden tegen door appellant gestelde misstanden in en rond de Treslongvijver te Hillegom. Appellant maakte bezwaar tegen deze weigering, maar het college verklaarde dit bezwaar ongegrond. Vervolgens stelde appellant beroep in bij de rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde. Appellant ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat het college zijn besluit steunde op een advies van een bezwaarschriftencommissie die volgens de wet correct was samengesteld en onpartijdig was, ondanks eerdere negatieve adviezen aan appellant. Het verzoek tot wraking van commissieleden werd afgewezen. Verder stelde appellant dat de rechtbank feiten onjuist had weergegeven, maar deze vaststellingen waren niet beslissend voor de uitkomst.
Appellant had verzocht om handhaving tegen het verbreken van de verbinding tussen de Treslongvijver en de Vossevaart en tegen het niet verwijderen van slib en waterplanten. De Raad overwoog dat begin 2007 de verbinding was hersteld en dat het college daarom terecht had geweigerd handhavend op te treden. Ook het beroep tegen het niet verwijderen van slib en waterplanten werd afgewezen omdat herstel van de situatie van voor 2002 feitelijk onmogelijk was geworden.
Ten slotte faalde het betoog dat de vijver niet jaarlijks was geschouwd, omdat het college aannemelijk had gemaakt dat de jaarlijkse boezemschouw plaatsvond en appellant dit niet had weerlegd. De Raad verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.