ECLI:NL:RVS:2009:BH3262
Raad van State
- Hoger beroep
- S.F.M. Wortmann
- L. Groenendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering zorgtoeslag en afwijzing vergoeding kosten bezwaar
De Belastingdienst heeft bij besluit van 18 februari 2006 een aan wijlen appellant toegekende zorgtoeslag over 2006 teruggevorderd. Tegen dit besluit is bezwaar gemaakt door de executeur-testamentair van de overledene, dat bij besluit van 5 april 2007 ongegrond werd verklaard. De rechtbank Utrecht heeft het daarop ingestelde beroep eveneens ongegrond verklaard.
De executeur-testamentair stelde in hoger beroep dat het besluit van 18 februari 2006 was herroepen en dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat hij niet als beroepsmatig rechtsbijstandverlener kon worden aangemerkt. De Raad van State oordeelt dat het besluit niet is herroepen, ook al is een bedrag van één euro teruggestort, en bevestigt dat de rechtbank terecht de vergoeding van de kosten in bezwaar heeft geweigerd.
Daarnaast was de rechtbank niet verplicht de executeur-testamentair te wijzen op de gevolgen van zijn antwoord over het beroep tegen de hoogte van het terug te vorderen bedrag. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.