ECLI:NL:RVS:2009:BH3677
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- B. van Wagtendonk
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake ongewenstverklaring vreemdeling wegens strafbare feiten
De staatssecretaris van Justitie heeft een vreemdeling ongewenst verklaard vanwege meerdere veroordelingen voor ernstige strafbare feiten, waaronder drugs- en geweldsdelicten. De rechtbank had deze ongewenstverklaring vernietigd en het beroep van de vreemdeling gegrond verklaard, omdat zij oordeelde dat het belang van de vreemdeling bij het familie- en gezinsleven in Nederland zwaarder woog dan het belang van de openbare orde.
In hoger beroep stelt de Raad van State dat de rechtbank ten onrechte haar eigen belangenafweging heeft gemaakt en onvoldoende heeft getoetst of de belangenafweging van de staatssecretaris in overeenstemming is met artikel 8 EVRM Pro. De staatssecretaris had terecht een 'fair balance' gemaakt tussen het belang van de vreemdeling en de bescherming van de openbare orde, waarbij het aantal en de ernst van de strafbare feiten zwaar wogen.
De Raad van State vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdeling tegen de ongewenstverklaring ongegrond. Het beroep tegen de afwijzing van de verlenging van de verblijfsvergunning wordt niet-ontvankelijk verklaard. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep tegen de ongewenstverklaring ongegrond.