ECLI:NL:RVS:2009:BH4011
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- M.W.L. Simons-Vinckx
- G.N. Roes
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning voor windturbines in Emmapolder vanwege ontoereikend alternatievenonderzoek en onvoldoende motivering
De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit verleende vergunningen voor het slopen van bestaande windturbines en het oprichten van nieuwe turbines in de Eemshaven en de Emmapolder. De vergunning voor 17 windturbines in de Emmapolder werd aanvankelijk geweigerd, maar later alsnog verleend onder voorwaarden. Stichting Windhoek en Windpark Westereems B.V. stelden beroep in tegen deze besluiten.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de stichting als belanghebbende kon worden aangemerkt. De minister was bevoegd tot vergunningverlening voor zover de gevolgen zich voordoen in het betwiste grensgebied. De vergunning voor de turbines buiten dit gebied was onbevoegd verleend en moest worden vernietigd.
De Afdeling beoordeelde dat de minister terecht rekening hield met de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied Waddenzee, inclusief het behoud van het open en weidse karakter. Uit de passende beoordeling bleek dat de windturbines mogelijk de natuurlijke kenmerken aantasten. Het alternatievenonderzoek was echter ontoereikend doordat het zich beperkte tot projecten binnen 3,5 jaar, wat onredelijk werd bevonden.
De minister had niet overtuigend aangetoond dat er dwingende redenen van groot openbaar belang waren om de vergunning toch te verlenen. De belangen van duurzame energieopwekking wogen niet zwaarder dan het behoud van de natuurwaarden op deze locatie. Daarom werd het besluit vernietigd en de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan Westereems.
Uitkomst: Het besluit van de minister tot vergunningverlening voor 17 windturbines in de Emmapolder wordt vernietigd wegens ontoereikend alternatievenonderzoek en onvoldoende motivering van dwingende redenen van groot openbaar belang.