ECLI:NL:RVS:2009:BH4624
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- T.L.J. Drouen
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring Raad van State inzake beroep tegen last onder dwangsom Grondwaterwet
Het college van gedeputeerde staten van Utrecht legde op 5 juni 2008 aan appellant een last onder dwangsom op wegens overtreding van artikel 14, eerste lid, van de Grondwaterwet op een perceel te Utrecht. Appellant maakte bezwaar en verzocht om rechtstreeks beroep bij de bestuursrechter. Het college stemde hiermee in en zond het bezwaarschrift door aan de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak onderzocht haar bevoegdheid om kennis te nemen van het beroep. Op grond van de Wet milieubeheer en de Provinciewet is het college bevoegd tot vergunningverlening en handhaving op grond van de Grondwaterwet. Echter, hoofdstuk 18 van de Wet milieubeheer, dat de handhaving regelt, is niet van toepassing op de Grondwaterwet, omdat dit niet in die wet is bepaald.
Hierdoor is de Afdeling bestuursrechtspraak niet bevoegd om in eerste aanleg te oordelen over het beroep tegen het bestreden besluit. Het bezwaar en beroep dienen volgens de Algemene wet bestuursrecht bij de rechtbank te worden behandeld. De Afdeling zond het beroepschrift door naar de rechtbank Utrecht en wees een proceskostenveroordeling af.
De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 27 februari 2009. Tegen deze uitspraak kan verzet worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak verklaart zich onbevoegd en zendt het beroep door naar de rechtbank.