Uitspraak
200706330/1) is het statutaire doel van de stichting ROM zo veelomvattend dat dit onvoldoende onderscheidend is om op grond daarvan te kunnen oordelen dat het belang van deze stichting rechtstreeks is betrokken bij het in die zaak bestreden besluit. Voorts heeft de Afdeling in die uitspraak overwogen dat is gebleken dat de stichting ROM geen feitelijke werkzaamheden verricht in de zin van artikel 1:2, derde lid, van de Awb waaruit blijkt dat haar belang rechtstreeks bij het in die zaak bestreden besluit is betrokken. Ten slotte heeft de Afdeling in die uitspraak in aanmerking genomen dat de stichting ROM door het optreden in rechte geen bundeling van rechtstreeks bij het in die zaak bestreden besluit betrokken individuele belangen tot stand brengt waarmee effectieve rechtsbescherming gediend kan zijn.
200600676/1), kan de geluidbelasting van een woning of een ander geluidgevoelig object op een gezoneerd industrieterrein geen grond vormen voor weigering van een vergunning voor een inrichting op dat industrieterrein. Evenmin kan CTT worden verplicht tot het treffen van zodanige maatregelen, dat gesproken moet worden van een doorkruising van het stelsel van de Wet geluidhinder vanwege een aantasting van het speciale vestigingsklimaat voor inrichtingen op een gezoneerd industrieterrein dat de Wet geluidhinder mede beoogt te bieden.