Uitspraak
200602889/1), staat geen rechtsregel binnen de door de wet en de goede procesorde begrensde mogelijkheden er aan in de weg dat bij de beoordeling van het bij de rechtbank ingestelde beroep gronden worden betrokken die na het nemen van het besluit zijn aangevoerd en niet als zodanig in bezwaar naar voren zijn gebracht. De beroepsgrond dat in dit geval sprake is van grensoverschrijdende dienstverrichting is bij brief van 15 januari 2007, waarbij de gronden van het beroepschrift zijn aangevuld, tijdig door [appellant] naar voren gebracht en door de rechtbank terecht bij haar beoordeling betrokken. Onder deze omstandigheden bestaat geen grond voor het oordeel dat de in de brief van 3 juni 2008 opgenomen, in 2.4. weergegeven hoger beroepsgrond, in strijd met de goede procesorde door [appellant] is aangevoerd.