ECLI:NL:RVS:2009:BH6354
Raad van State
- Hoger beroep
- Th.G. Drupsteen
- P.J.J. van Buuren
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming oogstschade pootaardappelen klei 2002
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een tegemoetkoming voor oogstschade aan pootaardappelen klei in 2002 door de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. De minister had de aanvraag afgewezen omdat de schade minder dan 30% van de normale opbrengst bedroeg, zoals bepaald in de Tegemoetkomingsregeling oogstschade 2002.
Appellant voerde aan dat de minister de rekenmethode onjuist had toegepast, met name door onduidelijkheid over de normbedragen en de verwerking van bewerk- en bewaarvergoedingen. Ook stelde hij dat extra kosten om de oogst te redden ten onrechte niet in mindering waren gebracht op de opbrengst.
De Raad van State oordeelde dat de normbedragen zijn vastgesteld op basis van gemiddelde financiële opbrengsten inclusief bewerk- en bewaarvergoedingen, conform communautaire richtsnoeren en onderbouwing door het Landbouw Economisch Instituut. De minister had terecht dezelfde vergoedingen bij de gerealiseerde opbrengst meegerekend. Extra kosten beïnvloeden de winst, niet de opbrengst, en mogen daarom niet worden afgetrokken. De schade bleef onder de 30%-drempel, waardoor de afwijzing terecht was.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Leeuwarden bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De afwijzing van de tegemoetkoming voor oogstschade wordt bevestigd omdat de schade onder de 30%-drempel blijft.