ECLI:NL:RVS:2009:BH7665
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- R.G.P. Oudenaller
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bouwvergunning voor begroeide erfafscheiding ondanks bezwaar omgevingsrecht
Het college van burgemeester en wethouders van Aalburg verleende op 24 april 2007 een vrijstelling en bouwvergunning voor het bouwen van een begroeide schutting op een perceel. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit en voerde aan dat de vrijstelling ten onrechte was verleend, onder meer omdat volgens hem slechts eenmaal per perceel vrijstelling mag worden gegeven en omdat de erfafscheiding een gevaarlijke verkeerssituatie zou veroorzaken en zijn uitzicht zou belemmeren.
De rechtbank Breda verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep bij de Raad van State werd overwogen dat artikel 19, derde lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening niet beperkt tot één vrijstelling per perceel en dat de brief van het college uit 2004 die dit zou suggereren berustte op een misverstand. Tevens was appellant er niet in geslaagd aannemelijk te maken dat de erfafscheiding gevaarlijk was voor het verkeer of dat het uitzicht significant werd belemmerd.
De Raad van State oordeelde dat het college in redelijkheid meer gewicht mocht toekennen aan het belang van de vergunninghouder bij privacybescherming dan aan de belangen van appellant. Het betoog dat het college de erfafscheiding gedoogd had zonder vergunning en dat dit precedentwerking zou hebben, werd verworpen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bouwvergunning voor de begroeide erfafscheiding wordt bevestigd.