ECLI:NL:RVS:2009:BI7243
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- K. Brink
- H. Borstlap
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen milieuvergunning voor zandwinningsbedrijf nabij woongebied
Het college van gedeputeerde staten van Overijssel verleende op 13 juni 2008 een milieuvergunning voor het oprichten en in werking hebben van een zandwinningsbedrijf nabij een woongebied. Diverse omwonenden en belanghebbenden stelden beroep in tegen dit besluit bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de appellanten als belanghebbenden konden worden aangemerkt vanwege de nabijheid van hun woningen. De beroepen werden inhoudelijk behandeld, waarbij onder meer werd ingegaan op de vraag of sprake was van een oprichtingsvergunning of een uitbreiding, de reikwijdte van de informatieplicht, en de toereikendheid van de vergunningvoorschriften op het gebied van stof- en geluidshinder.
De Raad van State stelde vast dat het college terecht had geoordeeld dat eerdere vergunningen waren vervallen, zodat een oprichtingsvergunning kon worden verleend. De informatievoorziening voldeed aan de wettelijke eisen, en het college had een redelijke afweging gemaakt ten aanzien van de geluidgrenswaarden, mede gelet op de specifieke kenmerken van de zandscheidingsinstallatie. Voorts waren de voorschriften ter voorkoming van stofhinder voldoende en was het college niet verplicht om aanvullende meters voor omwonenden te plaatsen.
Gelet op deze overwegingen werden de beroepen ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen tegen de milieuvergunning voor het zandwinningsbedrijf worden ongegrond verklaard.