ECLI:NL:RVS:2009:BI8423
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- W. van den Brink
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake afwijzing verzoek tot correctie inschrijving in gemeentelijke basisadministratie
Het college van burgemeester en wethouders van Groningen wees een verzoek van appellant af om de inschrijving van een ander in de gemeentelijke basisadministratie te corrigeren voor de periode van 13 december 2004 tot en met 19 januari 2006 op een bepaald adres. Het college verklaarde het daarop ingediende bezwaar niet-ontvankelijk. De rechtbank Groningen verklaarde het beroep van appellant tegen deze beslissing ongegrond.
Appellant stelde dat het college door het verzoek niet in behandeling te nemen, het recht op toegang tot de rechter schond en dat hij als belanghebbende moest worden aangemerkt, waardoor het verzoek als een aanvraag moest worden beschouwd en de afwijzing als een besluit. De rechtbank oordeelde echter dat het verzoek niet door de betrokkene zelf was ingediend en derhalve niet als een aanvraag kon worden aangemerkt.
De Raad van State oordeelde dat appellant wel belanghebbende is bij de correctie van de inschrijving, omdat deze directe gevolgen voor hem heeft. Hierdoor is het verzoek als een aanvraag te kwalificeren en de afwijzing als een besluit. De Afdeling vernietigde het besluit van het college en de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep alsnog gegrond. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het besluit van het college vernietigd en het beroep bij de rechtbank alsnog gegrond verklaard.