Uitspraak
200608551/1) kan een civielrechtelijke belemmering met evident karakter aan de verlening van een vrijstelling in de weg staan. Een dergelijke belemmering doet zich in dit geval voor. Het besluit van 4 juli 2007 voorziet immers in een doorzichtig venster op minder dan twee meter van de grenslijn van het naburig erf van [wederpartij], terwijl vast staat dat deze, als eigenaar van dat erf, daartoe geen toestemming heeft gegeven. De reden waarom [wederpartij] geen toestemming heeft gegeven, doet, anders dan [appellant] betoogt, niet af aan de omstandigheid dat er een civielrechtelijke belemmering met evident karakter is. De rechtbank heeft reeds hierom terecht overwogen dat het college dit aspect van het burenrecht bij de belangenafweging had dienen te betrekken.