ECLI:NL:RVS:2009:BI9699
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- P. Lodder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving bestemmingsplan tegen opvang van groot aantal katten
Het college van burgemeester en wethouders van Het Bildt heeft aan appellante een last onder dwangsom opgelegd om het gebruik van haar perceel voor het houden van meer dan tien katten te beëindigen, omdat dit in strijd is met het bestemmingsplan "Nij Altoenae" dat de bestemming "Eengezinshuizen klasse B" voorschrijft.
Appellante voerde aan dat het houden van katten geen strijd oplevert met het bestemmingsplan en dat het college niet bevoegd was handhavend op te treden. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat het gebruik voor opvang van 59 katten een zodanige ruimtelijke uitstraling heeft dat het in strijd is met de bestemming en dat het college bevoegd was op te treden.
Appellante stelde voorts dat bijzondere omstandigheden, zoals toestemming van het college en beperkte stankoverlast, handhaving onredelijk maakten. De Raad van State verwierp dit en oordeelde dat het college terecht handhavend is opgetreden, mede omdat het vertrouwensbeginsel niet van toepassing is en de stankoverlast voor rekening van appellante komt.
Daarnaast werd betoogd dat het college onrechtmatig toezicht heeft gehouden, maar de Raad van State stelde vast dat de toezichthouders binnen hun wettelijke bevoegdheden handelden en dat appellante vrijwillig medewerking verleende.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de voorzieningenrechter, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de handhaving van het bestemmingsplan tegen het houden van meer dan tien katten bevestigd.