Uitspraak
200302060/1) kan de omstandigheid dat de houder van een bouwvergunning niet aannemelijk weet te maken dat hij alsnog binnen korte termijn daarvan gebruik zal maken, in redelijkheid ten grondslag worden gelegd aan intrekking van een ongebruikte bouwvergunning. Mede gelet op hetgeen [appellant] ter zitting bij de rechtbank te dien aanzien heeft verklaard, was ten tijde van het besluit van 7 februari 2008 niet aannemelijk dat de bouwwerkzaamheden op korte termijn zouden worden hervat. [appellant] heeft met het opvragen van twee offertes en het in de arm nemen van een architect om het bouwplan dat dateert uit 1995 aan de eisen van deze tijd aan te passen, niet aannemelijk gemaakt dat het bouwplan alsnog op korte termijn zal worden gerealiseerd.