ECLI:NL:RVS:2009:BJ4077
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- C.H.M. van Altena
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging schorsing rijbewijs en onderzoek geschiktheid na herhaalde aanhoudingen rijden onder invloed
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen een besluit van het CBR waarin hij werd verplicht mee te werken aan een onderzoek naar zijn geschiktheid om een motorrijtuig te besturen. Tevens werd zijn rijbewijs geschorst totdat het besluit over zijn geschiktheid zou worden genomen.
Het CBR baseerde het besluit op het feit dat appellant binnen vijf jaar viermaal was aangehouden wegens rijden onder invloed, met ademalcoholgehalten die varieerden van 250 tot 375 µg/l, wat overeenkomt met bloedalcoholgehalten tussen 0,58 en 0,863 ‰. Appellant voerde aan dat hij in aanmerking kwam voor een educatieve maatregel alcohol en verkeer (EMA) in plaats van een onderzoek, omdat bij twee aanhoudingen de alcoholgehalten boven de grens van 350 µg/l lagen.
De voorzieningenrechter en de Raad van State oordeelden dat de grens voor een EMA niet was overschreden omdat appellant viermaal was aangehouden, wat de drempel voor een onderzoek naar geschiktheid overschrijdt. Ook het beroep tegen de schorsing van het rijbewijs faalde, mede omdat de wijziging van de regeling die een schorsing uitsloot bij oplegging van een EMA pas na de uitspraak van de voorzieningenrechter bekend werd.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de schorsing van zijn rijbewijs en verplichting tot onderzoek bevestigd.