ECLI:NL:RVS:2009:BJ4103
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. van Kreveld
- M.W.L. Simons-Vinckx
- W.J. Deetman
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke uitspraak over saneringsplan bodemverontreiniging te Haarlem
Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem stelde bij besluit van 27 juni 2008 vast dat de bodemverontreiniging op een locatie in Haarlem ernstig is, maar dat spoedige sanering niet noodzakelijk is. Tevens stemde het college in met een saneringsplan. Dit besluit werd op 4 juli 2008 ter inzage gelegd. Diverse appellanten, waaronder natuurlijke personen en een wijkraad, stelden beroep in tegen dit besluit bij de Raad van State.
De Raad van State behandelde de zaak op 16 juni 2009 en oordeelde dat sommige appellanten, zoals een lid van de wijkraad en een appellant die geen zienswijzen had ingediend, niet-ontvankelijk waren. Andere appellanten die direct belang hadden bij het besluit, zoals bewoners op circa 10 meter van de locatie, waren wel ontvankelijk. De Raad concludeerde dat het onderzoek naar grondwaterverontreiniging niet onvolledig was aangetoond en dat de bezwaren over mogelijke schade aan woningen, bomen en verkeersveiligheid onvoldoende waren om het saneringsplan te weigeren.
Op grond van de Wet bodembescherming kan het college alleen instemming aan het saneringsplan onthouden indien niet aan de wettelijke eisen wordt voldaan. De Raad stelde vast dat het college in redelijkheid heeft kunnen instemmen met het plan. Het beroep van de ontvankelijke appellanten werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van sommige appellanten werd niet-ontvankelijk verklaard en het beroep van de ontvankelijke appellanten ongegrond, waardoor het saneringsbesluit van het college van Haarlem in stand bleef.