ECLI:NL:RVS:2009:BJ4132
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing inrichtingsplan Meander Assendelft tegen streekplan Brabant in Balans
Het Algemeen Bestuur van het waterschap Aa en Maas stelde op 29 juni 2007 het inrichtingsplan Meander Assendelft, Fase 1 Herinrichting Dynamisch Beekdal vast. De vereniging tot Behoud van het Groene Hart van Brabant stelde administratief beroep in tegen dit plan, met name gericht op het vrijhouden van een strook grond en de vernietiging van abiotische waarden. Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant verklaarde het beroep deels gegrond en vernietigde het plan gedeeltelijk, waarna de rechtbank 's-Hertogenbosch het beroep ongegrond verklaarde. De vereniging ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat het plangebied niet was aangewezen als 'Aardkundig waardevol gebied' in het streekplan 'Brabant in Balans' en dat het plan voorziet in waterberging, wat in het streekplan is toegestaan. Het interne beschermingsbeleid van het streekplan stond ontgrondingen in dit gebied niet in de weg. De Raad verwierp het betoog van de vereniging dat het plan in strijd zou zijn met het streekplan vanwege de vernietiging van onvervangbare abiotische waarden.
Daarnaast oordeelde de Raad dat de aanlegvergunningen van het college van burgemeester en wethouders van Sint-Michielsgestel rechtsgeldig zijn en niet konden worden betwist. De Raad bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep van de vereniging ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vereniging wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.