ECLI:NL:RVS:2009:BJ4590
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- C.H.M. van Altena
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongeldigverklaring rijbewijs wegens niet tijdige betaling EMA-kosten
Bij besluit van 27 november 2007 verklaarde het CBR het rijbewijs van appellante ongeldig omdat zij de kosten verbonden aan een opgelegde Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer (EMA) niet tijdig had voldaan. Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het CBR verklaarde dit bezwaar ongegrond. De rechtbank Arnhem bevestigde vervolgens dit besluit in haar uitspraak van 21 november 2008.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij vanwege haar financiële situatie niet in staat was de kosten tijdig te betalen en dat haar advocaat haar had geadviseerd te wachten met betalen. Tevens stelde zij dat de ongeldigverklaring van haar rijbewijs haar medische klachten had verergerd. De Raad van State oordeelde dat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat zij betalingsonmacht had en dat het advies van haar advocaat om niet te betalen niet tot een ander oordeel kon leiden. De medische gevolgen waren eveneens niet relevant voor het oordeel.
De Raad van State bevestigde dat het CBR op grond van de Wegenverkeerswet 1994 en de Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid verplicht is het rijbewijs ongeldig te verklaren indien de kosten van de EMA niet tijdig worden voldaan. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de ongeldigverklaring van het rijbewijs bevestigd.