ECLI:NL:RVS:2009:BJ5079
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- W. van den Brink
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid Afdeling bestuursrechtspraak om beroep tegen handhavingsbesluit te behandelen
Appellanten hebben een verzoek ingediend bij het college van burgemeester en wethouders van Werkendam om handhavend op te treden tegen het gebruik van een perceel te Werkendam. Dit verzoek werd op 26 april 2007 afgewezen. Appellanten maakten bezwaar tegen dit besluit, dat op 8 januari 2008 ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde appellanten beroep in bij de rechtbank Breda, die op 10 oktober 2008 het besluit vernietigde en het college opdroeg opnieuw te beslissen.
Het college nam op 17 november 2008 een nieuw besluit, waarin het bezwaar opnieuw ongegrond werd verklaard en het eerdere besluit gehandhaafd bleef. Hiertegen stelde appellanten opnieuw beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelt echter dat het besluit van 17 november 2008 een uitvoering is van de onherroepelijke uitspraak van de rechtbank, waardoor het geen zelfstandig bestuursrechtelijk besluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht.
Daarom is niet voldaan aan de vereisten voor het instellen van beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak en verklaart deze zich onbevoegd om van het beroep kennis te nemen. Het beroepschrift wordt doorgezonden aan de rechtbank. Er bestaat geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak verklaart zich onbevoegd om van het beroep kennis te nemen en zendt het beroepschrift door aan de rechtbank.