ECLI:NL:RVS:2009:BJ5548
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K. Brink
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing vergunning veehouderijbedrijf met nevenactiviteiten
Het college van gedeputeerde staten van Overijssel verleende op 15 december 2008 een milieuvergunning aan appellant a voor het oprichten en exploiteren van een veehouderijbedrijf met nevenactiviteiten. Deze vergunning werd op 25 december 2008 ter inzage gelegd. Appellanten stelden beroep in tegen dit besluit bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak behandelde het beroep en oordeelde dat appellant b niet-ontvankelijk was omdat hij geen zienswijzen had ingebracht tegen het ontwerpbesluit. Appellant a voerde meerdere beroepsgronden aan, waaronder bezwaren tegen administratieve verplichtingen en voorschriften over opslag van veevoederproducten en mestbassins.
De Afdeling stelde vast dat de verplichting tot meststoffenregistratie niet in deze procedure aan de orde kon komen en verwierp deze grond. De voorschriften over het afdekken van veevoederproducten en de bouwtechnische eisen aan mestbassins werden als redelijke standaardvoorschriften beoordeeld, die noodzakelijk zijn om geurhinder en milieuschade te voorkomen. De stelling van appellant a dat deze voorschriften onnodig of onveilig zouden zijn, werd niet gegrond bevonden.
De Afdeling verklaarde het beroep van appellant a ongegrond en wees proceskostenveroordeling af. Het beroep van appellant b werd niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellant b is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep van appellant a ongegrond.