ECLI:NL:RVS:2009:BJ6098
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- T.M.A. Claessens
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Weigering verstrekking Nederlands paspoort wegens ontbreken Nederlandse nationaliteit
Appellant verzocht om een Nederlands paspoort, maar de minister van Buitenlandse Zaken weigerde dit op grond dat appellant niet de Nederlandse nationaliteit bezit. De weigering was gebaseerd op het ontbreken van een geldige erkenning door de stiefvader, die wel de Nederlandse nationaliteit heeft, aangezien volgens lokaal recht alleen de biologische vader een kind kan erkennen.
Appellant voerde aan dat de minister ten onrechte de geboorteakte niet als doorslaggevend heeft beschouwd en dat nader onderzoek naar de juistheid van de geboorteakte had moeten plaatsvinden. Uit verklaringen van familieleden en een notariële verklaring van de biologische vader bleek dat de stiefvader het kind heeft erkend, maar niet de biologische vader is.
De Raad van State oordeelde dat de minister terecht gebruik heeft gemaakt van zijn bevoegdheid om de geboorteakte aan verificatie te onderwerpen en dat de verklaringen van familieleden niet ondersteund worden door objectieve bronnen. Er was geen aanleiding voor nader onderzoek. De erkenning door de stiefvader voldoet niet aan lokaal recht, waardoor appellant niet de Nederlandse nationaliteit bezit. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de weigering tot verstrekking van het paspoort bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering tot verstrekking van het Nederlandse paspoort bevestigd.