Uitspraak
200408181/1worden geacht te zijn aangewezen als speciale beschermingszone als bedoeld in Richtlijn 79/409/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 2 april 1979 inzake het behoud van de vogelstand (Pb L 103; hierna: de Vogelrichtlijn) zolang de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (hierna: de minister van LNV) het gebied nog niet als zodanig heeft aangewezen. Dit betekent dat, hoewel de minister van LNV het gebied nog niet definitief heeft aangewezen, het ervoor moet worden gehouden dat het een aangewezen gebied als bedoeld in artikel 10a, eerste lid, van de Nbw 1998 betreft. Hieruit volgt dat de in artikel 19d van de Nbw 1998 opgenomen vergunningplicht voor dit gebied van toepassing is.