ECLI:NL:RVS:2009:BK1349
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J.A. Hagen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen bouwvergunning zwembad en overkapping te Weert
Het college van burgemeester en wethouders van Weert verleende bouwvergunningen aan een appellant voor het aanleggen van een zwembad en het oprichten van een overkapping op een perceel te Weert. Tegen deze besluiten maakten derden bezwaar, dat het college ongegrond verklaarde. De rechtbank Roermond verklaarde het beroep tegen de bouwvergunning voor het zwembad ongegrond en het beroep tegen de vergunning voor de overkapping gegrond, en vernietigde het besluit tot ongegrondverklaring van de bezwaren tegen de overkapping.
Het college, de bezwaarmakers en de vergunninghouder stelden hoger beroep in bij de Raad van State. De Raad oordeelde dat de rechtbank ten onrechte aannam dat de grond achter de achtergevel van het hoofdgebouw niet voor ten minste 50% onbebouwd bleef, waardoor het bouwplan niet in strijd was met het bestemmingsplan. De Raad vernietigde daarom het deel van het vonnis dat de vergunning voor de overkapping betrof.
Verder oordeelde de Raad dat het beroep tegen het besluit tot ongegrondverklaring van de bezwaren tegen de bouwvergunning voor de overkapping ongegrond is. De overige onderdelen van het vonnis van de rechtbank werden bevestigd. De Raad gelastte tevens dat het betaalde griffierecht aan de vergunninghouder wordt vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen de bouwvergunning voor de overkapping wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank wordt voor dat onderdeel vernietigd.