ECLI:NL:RVS:2009:BK1965
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J.G.C. Wiebenga
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Vergunningverlening ontgronding Nijstad in overeenstemming met provinciaal beleid
Het college van gedeputeerde staten van Drenthe heeft aan een vergunninghoudster een vergunning verleend voor het ontgronden van de tussendam en het verdiepen van een zandwinplas in Nijstad. Tegen dit besluit hebben meerdere appellanten beroep ingesteld bij de Raad van State. De appellanten voerden onder meer aan dat de vergunning in strijd zou zijn met het provinciaal ruimtelijk beleid en dat onvoldoende waarborgen zouden zijn getroffen ter bescherming van hun belangen.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft de zaak ter zitting behandeld en overwogen dat de vergunningverlening in overeenstemming is met het provinciaal omgevingsplan II, waarin Nijstad is aangewezen als centrale zandwinplaats voor ophoogzand. De voorgeschreven onderwaterdam beschermt de percelen van de appellanten adequaat en is correct gesitueerd binnen de grenzen van de vergunninghoudster. Ook is geoordeeld dat het college alle betrokken belangen voldoende heeft afgewogen, waaronder de bedrijfsbelangen van een andere vennootschap die stelde marktaandeel te verliezen.
De Afdeling concludeert dat het college in redelijkheid tot vergunningverlening heeft kunnen besluiten en dat het bestreden besluit niet in strijd is met het recht. De beroepen worden ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De beroepen tegen de vergunning voor ontgronding in Nijstad worden ongegrond verklaard.